Introductie

Lees ter introductie het gedicht ‘Knolletjes sokken’ van J. Robben voor (pag. 107 van de bundel ‘Tikken tegen de maan’) of vraag één van de kinderen om het voor te lezen.

Gespreksregels

Leid het filosoferen in en benoem de gespreksregels in de kring.

Filosofische vragen

Denk samen na aan de hand van (enkele van) de volgende vragen.

  • Wat betekent vrijheid?
  • Zitten sokken gevangen in onze klerenkast?
  • Zijn sokken vrij als ze aan je voeten zitten en met je meelopen?
  • Kunnen spullen/voorwerpen vrij of gevangen zijn? Op welke manier? Wie houdt ze gevangen?
  • Kun je je spullen vrijlaten? Hoe doe je dat?
  • Kunnen spullen ons ook gevangen houden? Waarom niet? Of: Op welke manier?
  • Wat is zo waardevol dat je het altijd wilt bewaren?
Afsluiting

Sluit het gesprek af met een korte samenvatting.

Verantwoording

Gedicht: J. Robben
uit: ‘Tikken tegen de maan’ (J. van Leeuwen, red.)
Ons Erfdeel, Rekkem 2010.